Al honderd jaar gespecialiseerd in kaas
BLESKENSGRAAF Dag en nacht rijden de Campina-vrachtwagens over de Melkweg naar Bleskensgraaf om rauwe melk te lossen. Zo'n vijftien dagen later voeren andere trucks de tot kaas verwerkte melk weer af, richting de pakhuizen van de afnemers.
De kaasfabriek in het dorp produceert veertig miljoen kilo kaas per jaar, dat zijn zo'n 50.000 kazen per week.
Het begon allemaal in 1908. Melkveehouders begonnen zelf een fabriek, een coöperatie, in plaats van te leveren aan Rotterdamse bedrijven zodat ze onafhankelijker zouden zijn. N.V. De Graafstroom was geboren. ,,We produceerden in het begin vooral kaas en boter en in de loop der jaren kwamen er steeds meer producten bij,'' vertelt Teunis-Jan Bikker, plantmanager van de fabriek. ,,Er is hier op een gegeven moment zelfs sinaasappelsap afgevuld,'' vervolgt de directeur. ,,Dat heb ik altijd grappig gevonden. Natuurlijk werd die taak al snel overgenomen door daarin gespecialiseerde bedrijven. Het hart van onze fabriek is zuivel, maar er zijn dus wel uitstapjes geweest.''
De fabriek, die dit jaar zijn honderdjarig jubileum viert, heeft al heel wat barre tijden doorstaan. Bikker: ,,In de Tweede Wereldoorlog zijn we niet gestopt met produceren, hoewel het natuurlijk wel steeds moeilijker werd. En tijdens de Watersnoodramp van 1953 stond heel de fabriek blank.''

Directeur Teunis-Jan Bikker bij de lopende band met de rechthoekige kazen van de
fabriek in Bleskensgraaf. FOTO CEES SCHILTHUIZEN
Inmiddels is het bedrijf gespecialiseerd in het maken van kaas. Bikker: ,,In 1983 werd Graafstroom overgenomen door Melkunie Holland, dat later fuseerde met Campina. We zijn ons toen steeds meer gaan toeleggen op kaas. In 1989 zijn we hier in Bleskensgraaf gaan uitbreiden, terwijl andere kaasfabrieken in de regio werden gesloten.'' Die uitbreiding zorgde ook voor een verhoogde productie. ,,De melk die we in 1908 in een jaar ontvingen, verwerken we nu in een paar dagen. Dat kan ook met de moderne techniek. Er wordt hier gewerkt van zondagmiddag tot zaterdagavond 22.00 uur.'' Het productieproces van de fabriek is bijna volledig geautomatiseerd. Bij het bedrijf werken zo'n 55 mensen.
De melk komt onder meer van koeien uit de Alblasserwaard. ,,Het ligt aan de vraag naar en de beschikbaarheid van melk,'' vertelt Bikker. ,,Het kan ook voorkomen dat we de melk van verder weg halen. Dat regelt het Campina-hoofdkantoor in Zaltbommel. Het verschil proef je trouwens niet.''
Als de melk bij de Campina-fabriek wordt afgeleverd, kan het eerst worden afgeroomd. Bikker: ,,We scheiden dan het vet van de rest van de melk met een centrifuge. Dat is allemaal geautomatiseerd. Met een beeldscherm worden de machines in de gaten gehouden.'' In een volgende machine wordt stremsel en zuursel toegevoegd, hierdoor klonteren de eiwitdeeltjes van de melk samen. Deze dikke massa, wrongel genaamd, wordt vervolgens in stukjes gesneden. Er ontstaan dan kleine witte korrels.
Deze wrongeldeeltjes drijven in vocht, dat wei wordt genoemd. De wei wordt afgetapt en in een andere machine worden de wrongeldeeltjes in een rechthoekig vat tot een kaas gevormd. De nog losse korrels worden dan samengeperst tot een kaas. ,,We hebben ook ronde vaten,'' vertelt Bikker. ,,Maar we maken hier vooral rechthoekige kaas. Dat is makkelijker tot kleinere stukken te snijden.''
Als de kaas is gevormd, gaat hij in het pekelbad. De kaas blijft hier twee tot drie dagen in liggen, waarna hij een plastic laagje krijgt en afgevoerd wordt naar een veredelingslocatie.
Bikker: ,,In deze pakhuizen blijven ze al naar gelang welke smaak de kaas moet hebben. Wij maken vooral volvette Goudse 48+ kaas.''
Tot nu toe
De kaasfabriek in Bleskensgraaf viert zijn honderdste verjaardag. Om dat te vieren organiseert Campina verschillende activiteiten voor medewerkers en oud-medewerkers, zoals een feest op 20 december.
Ook geeft Campina binnenkort een boekje uit over het reilen en zeilen van de fabriek.
Wie meer wil weten over de oude zuivelfabriek kan een kijkje nemen bij een speciale expositie in boerderij Gijbeland in Bleskensgraaf. Daar is de tentoonstelling Zuivelfabriek De Graafstroom/Campina 1908/2008 te zien.
Op de boerderij is beeldmateriaal te bekijken, maar er staan ook oude machines tentoongesteld en er zijn oude verpakkingen te zien.
Mensen uit de regio, die veelal iets met de fabriek te maken hebben gehad, hebben ook materialen ter beschikking gesteld. De expositie is tot en met 29 november te zien en elke zaterdag te bezichtigen van 14.00 tot 16.30 uur.
Bron: AD NieuwsMedia 20-11-2008