ALBLASSERDAM Nedstaal had altijd een magische klank in Alblasserdam. Zeker toen het nog bekend stond als De Kabel. In de jaren zeventig werkten ongeveer 2300 arbeiders voor de staalfabriek aan de Noord. Ze kwamen van heinde en ver. Nedstaal wierf zelfs personeel in Turkije. Voor de werknemers werden wijken uit de grond gestampt in Alblasserdam. De magie is enigszins verdwenen, toch blijft het bedrijf een begrip. 'Ik hoop dat we nog heel lang blijven bestaan', aldus directeur Jan Glimmerveen.

Vlnr directeur Jan Glimmerveen, burgemeester Bert Blase en
fractievoorzitter Aart Boele kijken toe hoe het gewalst staal
voorbij 'rolt'.
Glimmerveen loopt lachend rond tijdens zijn rondleiding door de fabriek. Hoewel de economische crisis nog niet is bezworen lijkt Nedstaal zich redelijk door de financieel zware tijden heen te slaan.
'Het is jammer dat de recessie een zware wissel heeft getrokken want als je de afgelopen tien jaar bekijkt hebben we het gewoon goed gedaan. We zijn zelfs winstgevend geworden. Echter, als de crisis net zo hard doorzet als in 2009 zijn we gewoon weg, zo eerlijk moet je zijn. De afname van staal is met een kwart afgenomen. Gelukkig trekt het wat aan, al beseffen we dat één zwaluw nog geen zomer maakt. We zitten nu op het niveau van zestig, zeventig procent en zijn in elk geval per 18 januari uit de deeltijd-WW gestapt wat betekent dat we voldoende orders binnenkrijgen om het met de manschappen die we nu hebben aan te kunnen.'
Caroline Princen
Jan Glimmerveen gaf in 2005 het roer over aan Caroline Princen. Ze werd in 2008 verkozen tot Vrouwelijk Manager van het Jaar en zag haar goede werk beloond met een aanbod van oud-minister Gerrit Zalm die ze nietaf kon slaan. Ze trad toe tot een zevenkoppig transitieteam om ABN/AMRO en Fortis samen te vloeien. Glimmerveen keerde daarna terug als directeur.
Nedstaal-Ovako
Vóór de crisis, die het bedrijf als een dolksteek heeft getroffen, werkte ruim 330 man voor Nedstaal, nu bedraagt het aantal arbeidskrachten 230. Voor buurman Ovako werkt nog ongeveer 350 man. Beide bedrijven, die letterlijk kris kras overlopen, zijn aan elkaar gelieerd. Ovako is in feite de vroegere staalwalserij. Nedstaal verkocht deze tak van het proces aan een Fins bedrijf. Tegenwoordig is het in handen van een Duitse staalverwerker, al draagt het nog wel een Finse naam. Glimmerveen legt uit dat veertig procent van wat Nedstaal produceert door Ovako wordt afgenomen. Laatstgenoemde verwerkt het tot staaldraad. 'Wat wij doen is van schroot, ofwel afval van industrieën, hoogwaardig staal maken.'
Om een beeld te krijgen verlaten we zijn directiekantoor en wandelen we de fabriekshal binnen. Echter, niet alvorens de drie heren een groene overall krijgen aangemeten. De kleur spreekt voor zich. Deze "groentjes" bevinden zich op onbekend terrein. De timing is uitstekend want het productieproces staat op het punt te beginnen. Het proces waarbij gloeiend heet staal, dat net uit de oven is geplukt, wordt gewalst ofwel dunner en langer wordt gemaakt zodat het bruikbaar is voor de klant. Vanuit wat we gemakshalve maar even de cockpit noemen wordt het proces door één persoon in goede banen geleid. Het ziet er fascinerend uit. Op zich is het niet eens zo"n gekke benaming. Glimmerveen zegt gekscherend dat je een pilotenopleiding moet hebben gevolgd dit werk te kunnen uitoefenen. 'Met deze joystick bedien je alles.' Het is in het begin amper voor te stellen, maar in een paar minuten tijd is van een rechthoekig blok staal een lange staaf gemaakt.
Aart Boele kijkt het met grote belangstelling aan. De fractievoorzitter van de SGP koos voor de kennismakingsserie met burgemeester Bert Blase voor een bezoek aan Nedstaal vanwege zijn vader. 'Hij heeft 43 jaar voor Nedstaal gewerkt - wat toen hij begon nog de Kabelfabriek heette - en heeft nooit overwogen iets anders te doen. De sfeer in de fabriek heeft zijn leven bepaald. Nedstaal was een sociale instelling. Mijn ouders verhuisden van Bleskensgraaf naar Alblasserdam, in een woning gebouwd door de fabriek. Alle woningen in de Staatsliedenbuurt waren gebouwd door Nedstaal.' Glimmerveen zegt de enorme betrokkenheid te herkennen: 'Als je hier gaat werken ben je of binnen een maand alweer weg omdat het het te overheersend is of je wordt zo gegrepen dat je tot je pensioen blijft. Zelfs na hun pensioen blijven mensen binding houden met het bedrijf. Als ik iemand nodig heb om een rondleiding te doen hoef ik maar één belletje te plegen', aldus de directeur, die in de jaren tachtig aan boord stapte, er een paar jaar geleden even uitstapte om iets volstrekt anders te doen (hij richtte een eigen psychologiepraktijk op), maar vorig jaar terugkeerde na het vertrek van Caroline Princen (zie het kaderstuk). 'Vanwege de crisis was het niet verstandig een verse directeur aan te stellen. '
'De directeur liep elke morgen met ferme stappen door het dorp'
Aart Boele koestert warme herrinneringen aan wat in zijn jeugd de Kabelfabriek heette als onderdeel van De Nederlandsche Kabelfabriek in Delft en na de naamsverandering in 1975 in de volksmond nog heel lang zo werd genoemd. Enerzijds dierbare herinneringen omdat zijn vader er zijn brood verdiende en verguld was met het werk dat hij uitvoerde, maar ook dierbaar vanwege het dagelijks straatbeeld dat hij als kind meemaakte en wat nog heel helder op zijn netvlies staat gedrukt. 'Stoere, hardwerkende mannen die als om twaalf uur de fluit ging voor hun schaftpauze het dorp infietsten op weg naar huis. Een uurtje later moesten ze alweer aan het werk.'
Hij keek op tegen een man die elke ochtend met ferme stappen door het dorp liep op weg naar de fabriek. Het was de heer Koper, dé directeur. Een man die vanwege zijn functie aanzien genoot, maar zich niet gedroeg als een hooggeplaatste meneer. Glimmerveen: 'Ik heb hem net niet persoonlijk meegemaakt, maar wat ik wel heb gehoord is dat hij heel sober was. Als belangrijke buitenlandse afnemers te gast waren gingen ze na een rondleiding door de fabriek niet naar een sjiek restaurant, maar aten ze gewoon een witte boterham met kaas in de bedrijfskantine van de fabriek.'
Bron: Het Kontakt editie Klaroen 17-2-09
Nedstaal 70 jaar
ALBLASSERDAM Alblasserdam staat dit najaar uitgebreid stil bij het feit dat Nedstaal zich zeventig jaar geleden in het dorp vestigde. Er is een reizende tentoonstelling, een lezing en er wordt gedacht aan een theatervoorstelling.
Wethouder Ad Cardon (cultuur) vindt het een prima initiatief dat de staalproducent, immers al decennia een belangrijke werkgever in het dorp, in de schijnwerpers wordt gezet. Nedstaal noemt zichzelf een kwalitatief en innovatief staalbedrijf, dat gespecialiseerd is in de productie van snelle, op maat gerichte leveringen.
Het bedrijf langs de Noord werd in 1938 opgericht als onderdeel van de NV Nederlandsche Kabel Fabriek, een producent van band en draad voor elektrische kabels. Medio 1960 werd het bedrijf overgenomen door Philips. In 1975 werd het bedrijf opgenomen in Thyssen Stahl AG. Tien jaar geleden was er een management buy-out door Glimmerveen en H2 Investment Group.

Nedstaal BV viert dit jaar niet alleen zijn zeventigjarig bestaan, maar ook zijn tienjarig jubileum als zelfstandig staalproducent. De expositie wordt samengesteld door de Historische Vereniging Alblasserwaard-West. Directeur Caroline Princen van Nedstaal juicht de tentoonstelling toe en het bedrijf geeft dan ook alle medewerking, onder meer door het archief ter beschikking te stellen.
De Alblasserdamse staalindustrie werkt op een 35 hectare groot terrein. Behalve Nedstaal is er Ovako Wire gevestigd; tegenwoordig een zelfstandig bedrijf, dat tot 2005 Fundia Nedstaal heette. De grondstof van Ovako is voor een deel afkomstig uit de smelterij van Nedstaal. Bij Ovako werken circa 450 mensen, bij Nedstaal 300 mensen. Tot 1998 vormden ze één bedrijf.
De tenstoonstelling wordt in oktober geopend in het kantoor van Nedstaal. Op deze locatie kunnen relaties van het bedrijf en oud-werknemers komen kijken. Daarna verhuist de tentoonstelling naar een zaal elders in het dorp. Datum en plaats staan nog niet vast. De theatervoorstelling is nog in de voorbereidende fase.
De expositie geeft een overzicht vanaf de start, en gaat via de crisisjaren en de Tweede Wereldoorlog tot aan de tegenwoordige tijd. Het bedrijf was ook actief in het verenigingsleven; zo was er ooit een eigen voetbalclub.
Er is ook aandacht voor de grote groepen mensen die na de Tweede Wereldoorlog Alblasserdammer werden om bij Nedstaal te gaan werken. De wijk waar ze aanvankelijk kwamen wonen werd, naar hun afkomst, Drentse Buurt genoemd. Ook de buitenlandse werknemers van het bedrijf komen aan bod.
,,Nedstaal heeft ook heel veel impact gehad op de samenstelling van de bevolking,'' zegt voorzitter Arend de Jong van de tentoonstellingscommissie. Hij vertelt dat op de foto's vooral afbeeldingen van mensen te zien zijn; dat trekt immers veel publiek. Verder geven de opnamen een beeld van het vuur in de ovens, de rondspattende vonken, de stalen blokken en staven en de grote walsen.
Oud-werknemer Ger de Goede uit Papendrecht houdt 19 november in de Alblasserdamse Havenkerk een lezing over de geschiedenis van De Kabelfabriek/Nedstaal. Aanvang 20.00 uur. www.nedstaal.nl.
Bron: AD NieuwsMedia 4-6-2008